Met het oog op de voltooiing van de interne markt is de liberalisering van de telecommunicatiesector sinds 1987 een prioriteit geworden voor de Europese Gemeenschap (Groenboek over de ontwikkeling van de gemeenschappelijke markt voor telecommunicatiediensten en -apparatuur). In 1988 heeft een richtlijn de weg geopend voor concurrentie op de markt voor telecommunicatie-eindapparatuur.
In een tweede fase werd krachtens een richtlijn uit 1990 de liberalisering doorgevoerd van de telecommunicatiediensten, met uitzondering van spraaktelefonie. Dit liberaliseringsproces is vanaf 1994 uitgebreid tot satelliettransmissiediensten en -communicatiediensten en vervolgens in 1996 tot kabeltelevisienetwerken en mobiele communicatiediensten. Parallel daarmee is vanaf 1990 een open telecommunicatienetwerk tot stand gebracht op het gebied van infrastructuur en diensten (Open Network Provision - ONP). Op grond van gemeenschappelijke regels konden vanaf dan de voorwaarden voor toetreding van nieuwe exploitanten tot de markt worden geharmoniseerd. In 1993 heeft de Raad besloten dat de markt voor spraaktelefoniediensten op 1 januari 1998 volledig moest zijn geliberaliseerd.
Vanaf 1994 is de Gemeenschap er in de context van de ontwikkeling van de "informatiemaatschappij" van uitgegaan dat de algemene liberalisering van de telecommunicatiestructuren de ontwikkeling van multimediadiensten moest bevorderen. Er zijn verschillende initiatieven gelanceerd voor de harmonisatie van de normen voor mobiele communicatie (de voor geheel Europa geldende GSM-norm) en voor satellietcommunicatie, en voor de invoering van een norm voor het digitaal netwerk voor geïntegreerde diensten (Integrated Services Digital Network - ISDN).
In 1999 heeft de Europese Commissie een begin gemaakt met een grootschalige hervorming van het Europese telecommunicatieregelgevingskader. De algemene doelstelling was de toegang tot de informatiemaatschappij te verbeteren door een evenwicht tot stand te brengen tussen de regulering van de sector en de Europese mededingingsregels. Het nieuwe regelgevingskader (ook wel het 'telecompakket' genoemd) bestaat uit vijf harmonisatierichtlijnen, namelijk een kaderrichtlijn en de richtlijnen: toegang en interconnectie, machtigingen, universele dienst en gebruikersrechten en bescherming van de persoonlijke levenssfeer. Daarbij behoren tenslotte ook nog de beschikking van 2002 inzake het radiospectrumbeleid en de in 2002 vastgestelde verordening inzake ontbundelde toegang tot het aansluitnetwerk. De Europese Gemeenschap speelt ook een actieve rol bij de bevordering van de invoering van mobiele communicatiediensten van de derde generatie (3G).
Zie:
eEurope
Trans-Europese netwerken (TEN)
Universele dienst
Informatiemaatschappij