De wetenschappelijke methode is een systematische manier om kennis te vergaren. Zij is gebaseerd op
waarnemingen,
metingen,
voorspellingen,
experimenten,
verificatie en
falsificatie. De wetenschappelijke methode werd het eerst toegepast in de bèta- of
exacte wetenschappen zoals b.v.
natuurkunde en
scheikunde, omdat daar veel gemeten en geëxperimenteerd kan worden aan natuurverschijnselen. Bij de
humaniora ofwel alfa-wetenschappen als
filosofie,
literatuurwetenschap,
geschiedenis,
cultuurwetenschappen is dit minder duidelijk. Daar wordt meer met redenatietechnieken gewerkt zoals die uit de
logica om een innerlijk
consistente theorie (zonder innerlijke tegenstrijdigheden) of
axioma op te zetten. Gamma-wetenschappen als
psychologie,
sociologie en
economie nemen in dit opzicht een tussenpositie in. De
wiskunde neemt een bijzondere positie in: het is geen empirische wetenschap, maar moet het helemaal hebben van strenge bewijsvoering. Wat daar onder verstaan moet worden, wordt onderzocht in het zgn.
grondslagenonderzoek.
Zie meer op Wikipedia.org...