rabiar
kwellen, ergeren; verontrusten, in...
{
vex
}
irriteren; prikkelen (van een zintuig)
{
irritate
}
kriebels hebben, niet stil kunnen zitten
{
fidget
}
rabiar
jeuken; jeuk hebben; graag willen
{
itch
}
woeden, tieren, razen
{
rage
}
roken; dampen; koken van woede
{
fume
}
rabie
sub
1 hondsdolheid, rabies
2 woede, razernij;
accesso de ~ woedeaanval;
cec de ~ blind van woede;
critar de ~ brullen van woede;
exploder de ~ van woede ploffen
3 hevige begeerte, zucht, rage, manie;
~ del moneta zucht naar geld;
~ de destruction vernielzucht