Met universaliënstrijd wordt de eeuwige strijd, met name in de
Middeleeuwen gevoerd, over de status van algemene begrippen (
universalia) bedoeld. Zijn het slechts namen die wij aan dingen geven, of bestaan ze onafhankelijk van ons denken en zijn, zijn het reëel bestaande dingen?De wortels van dit (filosofisch) conflict dat gedurende de
middeleeuwen in de
metafysica woedde en verscheidene eeuwen duurde, zijn terug te voeren op het verschil van opvattingen tussen
Plato en
Aristoteles. Zeer sterk samengevat leerde de rationalist en begripsrealist Plato dat de werkelijkheid slechts een afschijn was van de ("in de hemelen") werkelijk bestaande ideeën (universaliën). Omdat Plato leerde dat de ideeën een werkelijk bestaan leidden, noemt men hem ook wel begripsrealist. Elke eik is dus, om het zo te zeggen, een niet geheel volmaakte afspiegeling van de werkelijke ideale eik. Aristoteles, daarentegen, leerde dat alleen het individuele een werkelijk bestaan leidt. Alleen de afzonderlijke of individuele eiken bestaan echt en ons (algemene) begrip eik kan alleen ontstaan zijn doordat we van alle (werkelijk bestaande) individualiteit van die daadwerkelijk bestaande eiken abstraheren. (Zie ook de door
Boëthius doorgegeven, op Aristoteles gebaseerde definitie van de mens en merk op dat mensen in de filosofie natuurlijk veel meer van belang zijn dan eiken.) Tegenover het Platonisch
rationalisme en (klassieke) begrips
realisme stond het
nominalisme. Het ging in de middeleeuwen dus om de begrippen opgevat als zijnden.
Zie meer op Wikipedia.org...