Polarisatie van
elektromagnetische straling, bijvoorbeeld zichtbaar
licht, slaat op het vlak waarin de elektrische veldvector E trilt. Gewone elektromagnetische straling is niet gepolariseerd of ongepolariseerd: de elektrische veldvector trilt willekeurig (Engels: 'random') in alle richtingen loodrecht op de voortplantingsrichting z. Dergelijke ongepolariseerde straling is te ontbinden volgens twee vlakken. Er is dan evenveel straling gepolariseerd volgens het x vlak als volgens het y vlak. Dergelijke ongepolariseerde straling is ook te ontbinden volgens twee draaizinnen: in uurwerkzin en in tegenuurwerkzin. Er is dan evenveel licht gepolariseerd in uurwerkzin als in tegenuurwerkzin. Met bepaalde maatregelen (zie verder) kan men ervoor zorgen, dat de elektrische veldvector E enkel in één vlak trilt. Dat heet dan lineair gepolariseerd licht. Met bepaalde maatregelen kan men er ook voor zorgen, dat de elektrische veldvector E enkel in één draaizin trilt. Dat heet dan circulair gepolariseerd licht. Als men de maatregelen onvolledig toepast, is het licht noch ongepolariseerd, noch lineair gepolariseerd, noch circulair gepolariseerd: men noemt het dan elliptisch gepolariseerd. Zowel lineair gepolariseerd licht als circulair gepolariseerd licht en ook wel elliptisch gepolariseerd licht heet
gepolariseerd licht.
Zie meer op Wikipedia.org...