pan
pref.
geheel, alles, enz.
zn.
koekepan; pan; vuilnisbak; gootsteen
ww.
pan (koken); scherp bekritiseren; pannen, doem meedraaien (de camera)
Pan
zn.
Griekse god die de herders en hun kuddes beschermt (Griekse Mythologie)
PAN
Pan
Pan (achternaam) 潘, een Chinese achternaamPan (automerk), een Duits automerk
Pan (mythologie), een figuur uit de Griekse mythologie
Pan (maan), een maan van Saturnus
Pan (band), een band uit Turkije
Pan (Dragonball GT), een fictief figuur uit de anime-serie DragonBall GT
Pan (genus), een geslacht van mensapen waartoe de chimpansee en de bonobo behoren
Pan (motorfiets), een historisch motorfietsmerkPan (nieuwslezer), een Linux nieuwsgroep client
Pan (roman), titel van een boek geschreven door Knut Hamsun
pan (voorwerp), een voorwerp om iets in te koken
pAn Amsterdam, een kunst- en antiekbeurs
Pan European, een Japanse motorfiets
Zie meer op Wikipedia.org...
pan
montageplaat; opvangbak; pan
pan (to)
pannen; panorameren
pan
brood [N], mik
Pan
nom proprie
[Rel Grec] Pan;
flauta de - panfluit
pan
sub
1 brood;
~ blanc witbrood;
~ de frumento/de tritico tarwebrood;
~ de secale roggebrood;
~ de mais maïsbrood;
~ de hordeo gerstebrood;
~ al sesamo sesambrood;
~ complete/integral/de tote grano volkorenbrood, kropbrood;
~ de specie kruidkoek, ontbijtkoek;
~ de munition kazernebrood, kuch;
~ de uvas de Corintho krentebrood;
~ longe stokbrood;
~ tostate geroosterd brood;
~ tenere zacht brood;
~ fresc vers brood;
~ dur oudbakken brood;
~ facite a casa eigengebakken brood;
le ~ del vita het brood des levens;
nostre ~ quotidian/de cata die ons dagelijks brood;
~ e jocos brood en spelen;
sin ~ brodeloos;
sacco a/de broodzak;
cultello de ~ broodmes;
trencho de ~ snede/plak brood;
trencho de ~ butyrate/con butyro gesmeerde boterham;
fabrica de ~ broodfabriek;
mica de ~ broodkruimel;
suppa de ~ broodsoep;
cassa pro le ~ broodtrommel;
corbe a/de ~ broodmand/korf;
corbetta a/de ~ broodmandje/korfje;
crusta de ~ broodkorst;
consumo de(l) ~ broodverbruik;
ganiator del ~ kostwinner;
precio de ~ broodprijs;
mangiar le ~ del caritate genadebrood eten;
mitter a ~ e a aqua op water en brood zetten
2 langwerpig stuk: plak (chocolade), staaf, stuk;
~ de sapon stuk zeep;
~ de sucro suikerbrood (stuk suiker in de vorm van een afgeknotte kegel)