irregular
bn.
onregelmatig; buitenissig; asymetrisch; onbepaald; niet volgens de regels
zn.
product van slechte kwaliteit; onregelmatige soldaat
irregular
onregelmatig
irregular
adj
1 onregelmatig, ongelijk(matig), ongeordend;
scriptura ~ onregelmatig handschrift;
forma ~ onregelmatige vorm;
pulso ~ onregelmatige pols(slag);
verbo ~ onregelmatig werkwoord;
polygono ~ onregelmatige veelhoek;
vita ~ ongeregeld leven;
menstruation ~ onregelmatige menstruatie;
dentatura ~ onregelmatig gebit;
horas de labor/travalio ~ onregelmatige werktijden
2 onregelmatig, onbevoegd, onwettig;
detention ~ wederrechtelijke vrijheidsberoving;
situation ~ onwettige toestand
3 (van personen) niet regelmatig, wisselvallig, ongelijk;
alumno ~ leerling met wisselende prestaties
4 ongeregeld, irregulier;
[Mil] truppas ~ ongeregelde/irreguliere troepen