factura (f)
biljet; rekening; origineel; droge taal;...
{
bill
}
Bill (voornaam); rekening
{
Bill
}
facturar
in rekening brengen
{
bill
}
check-in (inschrijving bij een...
{
check in
}
facturer
factura
1. factuur, nota, rekening, warenlijst
factura
sub
1 [Comm] factuur, rekening;
~ specificate/detaliate gespecificeerde rekening;
precio de ~ factuurprijs;
data de ~ factuurdatum;
numero de ~ factuurnummer;
~ de compras inkoopfactuur;
inviar un ~ een rekening sturen;
inscriber le ~s de rekeningen inboeken;
pagar un ~ een factuur betalen;
vender al precio de ~ verkopen tegen factuurprijs
2 makelij, factuur, techniek, opbouw
3 vervaardiging, het maken