fabricar
bouwen, vervaardigen; verzinnen,...
{
fabricate
}
ontwerpen, uitdenken, formuleren,...
{
frame
}
maken; vervaardigen; veroorzaken;...
{
make
}
produceren; opleveren; voortbrengen;...
{
produce
}
produceren; fabriceren; verzinnen; doen...
{
manufacture
}
fabricar
produceren; fabriceren; verzinnen; doen...
{
manufacture
}
maken; vervaardigen; veroorzaken;...
{
make
}
produceren; opleveren; voortbrengen;...
{
produce
}
bouwen, vervaardigen; verzinnen,...
{
fabricate
}
uitvinden; verzinnen
{
invent
}
fabricar
1. fabriceren, maken, aanmaken, vervaardigen
fabricar
vb
1 vervaardigen, maken, fabriceren, produceren;
~ in serie in serie/massa produceren;
~ automobiles auto's produceren
2 bouwen (brug, gebouw, etc.)
3 verzinnen (leugens, verhaal), fingeren, uit zijn duim zuigen;
~ se un alibi een smoes bedenken;
~ se un nove identitate een nieuwe identiteit aannemen;
~ mentitas leugens verzinnen
4 namaken, vervalsen
5 bewerken (ijzer, zilver, etc.)