essere
zijn, bestaan, leven
{
be
}
gebeuren; voorkomen; bedenken
{
occur
}
worden; waard zijn; goed staan
{
become
}
kosten; prijs vaststellen
{
cost
}
er
soldaat; legerman; eenvoudige soldaat
{
soldier
}
man; mens; kerel; echtgenoot; voorwerp...
{
man
}
erimek
smelten; versmelten; doen smelten;...
{
melt
}
(doen) smelten (v. zekering); (doen)...
{
fuse
}
oplossen, smelten, vloeibaar worden;...
{
dissolve
}
kwijnen, treuren
{
pine
}
rennen, weglopen; laten lopen; een...
{
run
}
ontdooien, smelten
{
thaw
}
eri
heel