Welsh/Wels of Kymrisch (Cymraeg) is een
Keltische taal, voornamelijk gesproken in
Wales door (een deel van) de
Welsh. Het is gekend door
glossen vanaf de
9e eeuw. De taal behoort tot de
Keltische talen en is verwant met het
Iers-Gaelisch, het
Bretons, het
Cornisch, het
Manx en het
Schots-Gaelisch. Het wordt geschreven in de Welshe variant van het
Latijnse alfabet. Over de hele wereld zijn er rond de 700.000 mensen die het Welsh spreken, voornamelijk in
Wales (611.000),
Engeland (133.000) en
Chubut in
Argentinië (5000). Er zijn ook kleine gemeenschappen in de
Verenigde Staten en
Canada. In
2004 werd het door 21,7 % van de bevolking gesproken, een stijging met 2 % sinds
1991. Steeds meer mensen spreken het Welsh, alhoewel altijd tweetalig met het
Engels. Het Welsh wordt vooral gesproken op het platteland van
Wales, in het noorden en in het westen. Daar is deze taal vaak ook gedeeltelijk de onderwijstaal op basisscholen. Het hoogste percentage Welsh-sprekers vindt men in het gebied
Gwynedd, waar 76,1% van de bevolking het Welsh als moedertaal heeft. Deze taal mag niet worden verward met de Kymrische dialecten, dewelke in Wales gesproken Engelse dialecten zijn en dus niet Keltisch. Het Engelse woord Welsh is verwant met het Nederlandse woord
Waals; beide betekenen vreemd, buitenlands. In het
Oudengels betekent 'Wealh' naast vreemdeling ook slaaf. Uiteindelijk gaat de naam Welsh terug op de naam van de
Gallische stam de Volcae.
Zie meer op Wikipedia.org...